Skip to content

Alleen nog maar op social media met een NL-wallet?

Leeftijdsverificatie op internet wordt steeds meer gezien als een noodzakelijke voorwaarde om kinderen online te beschermen. Het kabinet ziet daarbij een Europese digitale-identiteitswallet als een belangrijke oplossing. Op het eerste gezicht klinkt dat aantrekkelijk: niet langer een identiteitsbewijs uploaden naar een website, maar alleen aantonen dat iemand oud genoeg is. Een systeem dat vandaag alleen...

eeftijdsverificatie op internet wordt steeds meer gezien als een noodzakelijke voorwaarde om kinderen online te beschermen. Het kabinet ziet daarbij een Europese digitale-identiteitswallet als een belangrijke oplossing. Op het eerste gezicht klinkt dat aantrekkelijk: niet langer een identiteitsbewijs uploaden naar een website, maar alleen aantonen dat iemand oud genoeg is.

Een systeem dat vandaag alleen bewijst dat iemand oud genoeg is, kan morgen ook bepalen welke andere digitale diensten iemand mag gebruiken.

Privacyvriendelijker dan een identiteitsbewijs opsturen

De kritiek op online leeftijdscontrole is terecht. Veel bestaande methoden vragen gebruikers om persoonsgegevens, een identiteitsdocument of zelfs biometrische informatie te delen met een commerciële dienst. Het kabinet wijst zelf op risico’s voor privacy, grondrechten en gegevensbeveiliging. Ook ongewenste registratie van gebruikers is een aandachtspunt.

De Europese oplossing probeert dat probleem anders aan te pakken. De gebruiker kan bijvoorbeeld aantonen dat hij of zij ouder is dan 18, zonder naam of geboortedatum aan de website door te geven. De Europese Commissie beschrijft een systeem waarbij de website alleen een bevestiging krijgt dat aan een bepaalde leeftijdsgrens is voldaan. De achterliggende identiteit hoeft daarbij niet bekend te worden gemaakt. urlEuropese Commissie – EU Age Verification Solutionhttps://digital-strategy.ec.europa.eu/en/faqs/eu-age-verification-solution

Dat is een belangrijk verschil met het opsturen van een paspoort of het laten uitvoeren van een gezichtsscan. Privacyvriendelijke technologie verdient daarom serieus aandacht.

Maar de wallet is meer dan een leeftijdscheck

Het interessante punt begint waar leeftijdsverificatie en digitale identiteit bij elkaar komen. Het kabinet wil inzetten op een publiek beheerd mechanisme dat wordt gebaseerd op de Europese digitale-identiteitsinfrastructuur. De leeftijdscontrole zou daarmee in de toekomstige Europese Digitale Identiteit-wallet kunnen worden geïntegreerd. citeturn0search0turn0search5

Daarmee ontstaat een infrastructuur die veel verder kan gaan dan alleen de vraag of iemand 18 jaar is. De Europese Commissie schrijft expliciet dat de leeftijdsverificatie kan worden aangepast om ook andere leeftijdsgrenzen aan te tonen, zoals 13+ of 65+. Dezelfde oplossing is bovendien ontworpen om te kunnen worden geïntegreerd in de toekomstige Europese digitale-identiteitswallets. citeturn0search3turn0search7

Dat betekent niet dat de overheid morgen automatisch kan zien welke websites iemand bezoekt. De huidige technische opzet is juist ontworpen om tracking en koppeling van transacties te voorkomen. De privacywaarborgen zijn dus reëel en belangrijk.

Van vrijwillige voorziening naar digitale toegangspoort

Toch is het verstandig om verder te kijken dan de techniek van vandaag. Zodra een digitale wallet breed wordt gebruikt voor het aantonen van eigenschappen, ontstaat ook de mogelijkheid om steeds meer diensten aan zo’n digitale bevestiging te koppelen.

Dat hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Het kan zelfs privacy verbeteren wanneer een wallet voorkomt dat mensen telkens hun volledige identiteit moeten prijsgeven. Maar de maatschappelijke vraag verandert zodra steeds meer online diensten een digitale bewijsfunctie gaan verlangen voordat toegang wordt verleend.

Dan gaat het niet meer alleen om de vraag hoe weinig gegevens een systeem deelt. Dan moeten we ook vragen waarvoor digitale toegang afhankelijk wordt gemaakt van zo’n systeem.

De grens moet vooraf duidelijk zijn

Het kabinet zegt zelf dat leeftijdscontrole strikt beperkt moet blijven tot het vaststellen van de leeftijdsgrens en geen middel mag worden voor bredere identificatie of permanente monitoring.

Dat is een belangrijk uitgangspunt. Maar het zou sterker zijn wanneer die beperking niet alleen als beleidsvoornemen wordt uitgesproken, maar ook technisch, juridisch en organisatorisch zo hard mogelijk wordt vastgelegd.

Want wanneer dezelfde infrastructuur later wordt gebruikt voor andere vormen van digitale toegang, kan de oorspronkelijke toepassing als precedent gaan werken. Wat begint als bescherming van kinderen kan dan geleidelijk onderdeel worden van een veel bredere digitale toegangslaag.

Privacy is meer dan zo min mogelijk data delen

De discussie over de EU-wallet moet daarom niet worden gereduceerd tot de vraag of de technologie privacyvriendelijk is. Dat is een te beperkte vraag.

De belangrijkere vraag is welke rol digitale identiteit uiteindelijk krijgt in het dagelijks leven. Kunnen mensen ook zonder wallet blijven deelnemen aan de samenleving? Blijven er anonieme of laagdrempelige alternatieven bestaan? En wie bepaalt in de toekomst welke digitale eigenschappen iemand moet kunnen aantonen voordat toegang wordt verleend?

Een privacyvriendelijke technologie kan een grote verbetering zijn ten opzichte van het telkens delen van een identiteitsbewijs. Maar privacy gaat niet alleen over de hoeveelheid gegevens die vandaag wordt gedeeld. Het gaat ook over de vrijheid om niet overal digitaal te hoeven bewijzen wie je bent, hoe oud je bent of welke eigenschappen je hebt.

De Europese digitale-identiteitswallet kan een middel zijn om die vrijheid juist beter te beschermen. Maar dan moet vanaf het begin duidelijk zijn dat een wallet een keuze blijft en geen algemene digitale toegangspoort wordt.

Digitale vooruitgang hoort de mens te dienen.
Niet andersom.

Did you enjoy this article?

Recommend it — Standard Reader surfaces well-loved writing to more readers across the network.

Across the AtmosphereDiscussions